dinsdag 28 oktober 2025

JACK DEJOHNETTE – R.I.P.

Het zijn er makkelijk meer dan honderd. Meer dan honderd albums die ik ‘heb’ waar Jack DeJohnette als drummer en, af en toe, als pianist en zelfs als saxofonist op speelde. Soms als leider maar nog vaker als sideman. Jack is eergisteren overleden en daarmee verliest de jazzwereld één van zijn allergrootste iconen. Ooit!

Dat ‘hebben’ is een dingetje. Maar daar kom ik straks nog even op terug. Het is in ieder geval zo dat Jack DeJohnette meespeelt op heel veel van mijn  LP's, CD's en streaming albums. Ik denk dat hij in mijn verzameling daarmee wel één van de koplopers is. Zonder dat ik mij daar erg nadrukkelijk bewust van was heb ik dus ontzettend vaak naar hem geluisterd. Meer dan genoeg reden om bij zijn persoon en werk stil te staan. Helaas hebben we hem nooit live op zien treden, volgens mij. AI geeft aan dat DeJohnette tien keer op NSJ speelde. Niet waar ik bij was, voor zover ik mij kan herinneren. Ik laat mij echter graag corrigeren.

Jack DeJohnette, geboren op 9 augustus 1942 in Chicago, was een van de meest invloedrijke drummers en componisten in de moderne jazz. 'Hij stond bekend om zijn technische beheersing en zijn vermogen om traditie en vernieuwing te verenigen', praat ik een website na. 'Oorspronkelijk opgeleid als pianist, stapte hij over op drums en ontwikkelde al vroeg een zeer muzikale benadering van zijn instrument: hij behandelde het drumstel niet alleen ritmisch, maar ook melodisch en klankmatig', van dezelfde website. Zijn doorbraak kwam eind jaren zestig als lid van Miles Davis’ ‘electric’ band, zoals onder andere te horen op Bitches Brew en Miles Davis at Fillmore.

Vanaf de jaren zeventig bouwde hij verder aan zijn reputatie in eigen groepen (zoals Special Edition) en als vaste drummer in Keith Jarrett’s Standards Trio. Dat was een van de langstlopende en meest geliefde formaties in de jazzgeschiedenis die ik relatief recent heb ontdekt. Nou ja, ontdekt, getipt door (wijlen) vriend J. Dat was een onbegrijpelijke ‘erreur importante’ van formaat. Maar ik heb mij gerevancheerd want het Standards Trio luister ik bijna dagelijks en ontroert mij soms tot tranen. Echt waar. 'Geen dag zonder Bach’ zeggen de liefhebbers. Ik zeg ‘no standard without Jarrett’. Geen perfect rijm, maar ik kon geen betere verzinnen.

Voor de volledigheid, het trio bestond uit Keith Jarrett op piano, Jack DeJohnette op drums en Gary Peacock op bas. Gary is in 2020 overleden en Keith is er nog, zij het gedeeltelijk verlamd aan zijn linkerzijde vanwege twee beroertes. Het is onwaarschijnlijk dat hij ooit nog in het openbaar zal optreden. Voor de leken, Jarrett wordt beschouwd als één van de beste pianisten uit de geschiedenis. Zowel in jazz als klassiek. Zijn 'Köln Concert' is het best verkochte jazz album aller tijden.


Maar vele, vele jaren voor mijn late trio-ontdekking luisterde ik al volop naar albums waar DeJohnette zijn kunsten op had verricht. Zoals Bitches Brew en meerdere andere albums van Miles Davis. Mijn eerste LP van Jack als leider was ‘UNTITLED’ op ECM, gekocht op 24 april 1979. Allemachtig, dat is bijna 47 jaar geleden. De mechanische- en audio-kwaliteiten van de LP zijn nog steeds ongelofelijk. De muziek vind ik, nou ja, niet mijn smaak, laat ik het zo maar zeggen. Dat kan (dus) ook. Ik denk dat ik het album destijds kocht in de veronderstelling een mooie Miles-achtige funkplaat op de draaitafel kon leggen. Niets van dat alles. 


Daarna schafte ik andere albums onder zijn naam (allemaal op ECM) aan die ik wél goed vond. Uiteraard ook samenwerkingen met anderen als gastmuzikant. Jack speelde mee op albums van artiesten met klinkende namen, zoals Carlos Santana, John Abercrombie, Pat Metheny, Herbie Hancock en vele anderen. Relatief recent, heb ik nog twee briljante albums aangeschaft: ‘In Movement’ met Ravi Coltrane (de zoon van) en ‘Blue Maqams’ van Anouar Brahem.

Drummers hebben een vitale rol in Jazz, dat is geen nieuws. Misschien is het wel zo dat als hun spel je niet nadrukkelijk opvalt dat het juist goed is. Er zijn drummers die mij wél opvallen door hun eigen stijl. Daar hoort Jack De Johnette niet bij. Ik zie, of zag, hem als een zeer ondersteunende, interactieve en zeer maatvaste drummer met een perfecte groove en timing, maar geen ‘lead’ drummer. Ik heb het aan AI gevraagd en dit was het antwoord: “De perceptie dat Jack DeJohnette meer een interactieve en ondersteunende drummer was dan een klassieke “lead”-drummer sluit goed aan bij hoe muzikanten en critici hem zien: als een uitzonderlijk creatieve, veelzijdige en subtiele drummer, die het collectieve spel naar een hoger niveau tilt, en zich zelden op de voorgrond dringt tenzij de muziek dat vraagt.” Nou, niet slecht voor een leek, toch?

DeJohnette wordt algemeen beschouwd als een sleutelfiguur in de ontwikkeling van de bop-, fusion- en hedendaagse jazz. Hij is een van die musici die de jazz mede heeft vernieuwd zonder de traditie los te laten. Bovendien werd hij gezien als een warme, bescheiden en inspirerende figuur, die geliefd was bij collega’s en jongere generaties muzikanten.

Ik zou het nog even over muziek ‘hebben’. Dat was vroeger wel iets. We bouwden prachtige verzamelingen op van LP’s, casettebandjes en later CD’s. Maar ja, wat moeten we er nu mee? Alles wat we bezitten, materieel of immaterieel, is intrinsiek vergankelijk. Bezit bestaat in universeel opzicht dus eigenlijk niet. Met het ouder worden raken we geleidelijk letterlijk alles kwijt inclusief onze fysieke integriteit en, tenslotte, het einde. Heftige beschouwingen wellicht, maar van tijd tot tijd voel ik dat zo als ik door mijn study kijk en al die honderden boeken, platen en CD’s zie. Wat moet men er straks mee? Misschien vinden een paar exemplaren nog een goeie plek. Maar de rest...


Toch beschouw ik dat ‘bezit’ nog steeds als waardevol, net als vroeger. Dat streamen is technisch geweldig, maar dat tijdelijke bezit van een LP of een boek of een CD bevat schoonheid die bytes en bits niet bieden. Het bezit is vanuit die visie dan toch waardevol. Net als ons leven een waardevol bezit is en een onderdeel van de cyclus van het leven. Moraal van het verhaal? Ik moet eigenlijk de volledige ‘Standards Trio’ collectie op vinyl aanschaffen. Een mooiere ode aan Jack DeJohnette kan ik niet bedenken.

donderdag 23 oktober 2025

KLAUS DOLDINGER - R.I.P.

Klaus Doldinger, de componist van de muziek van 'Das Boot', is afgelopen 16 oktober overleden op 89-jarige leeftijd. Ik lees het nu pas bij toeval op internet. Ik heb geen anekdotes die wat met Klaus hebben uit te staan, maar wel hele mooie herinneringen aan de tijd waarin wij naar zijn muziek luisterden. Juist nu mijn goede vriend F. in het ziekenhuis aan het vechten is voor zijn leven, herinner ik mij Klaus Doldinger en zijn band Passport als nooit tevoren. F. woonde decennia in een mooi maisonnette appartement. Hij was daar vele, vele jaren een geweldige gastheer voor ons, zijn vrienden. Bijna ieder weekend, soms meerdere dagen, vierden wij bij hem het leven in al zijn kleurrijke facetten 😂😛😫. Maar muziek ontbrak nooit. Wij luisterden vooral naar onze helden uit de jaren zeventig en tachtig zoals Santana, Frank Zappa, Led Zeppelin, Eric Burdon en vele anderen. Klaus Doldinger’s Passport was ook regelmatig van de partij tussen dat illustere en iconische muziekgezelschap.


Klaus Doldinger werd geboren op 12 mei 1936 in Berlijn. Hij studeerde klassiek piano en klarinet. Maar hij voelde zich meer aangetrokken tot de jazz die Amerikaanse soldaten na de oorlog in Duitsland hadden geïntroduceerd. Hij bekwaamde zich als saxofonist, werd wereldberoemd in Duitsland en een beetje in West-Europa. Maar hij reisde toch maar mooi met zijn muzikanten de hele wereld over. Marokko en Brazilië hadden zijn voorkeur. De muziek die hij maakte én mij aansprak getuigde van een feilloos gevoel voor timing en ‘groove’ die voor Europeanen zeldzaam is.

Klaus had in 1971 ‘Passport’ opgericht, een langlopende jazz-fusion formatie die internationaal toerde en in vijf decennia tientallen albums uitbracht. Het was de enige ‘Doldinger' waar we naar luisterden.  Wellicht vanwege die groove. Dat hij muzikaal veel meer deed, zoals het schrijven van de titelmuziek van Tatort en de ’score’ van Das Boot, dat wist ik niet. Shame on me. Het laatste album wat bij mij (ons) de aandacht trok was ‘To Morocco’, een uitstekende fusie van Marokkaanse muziek en jazz uit 2006.

Ik ken Klaus Doldinger’s en Passport’s oeuvre duidelijk onvoldoende en heb toevallig onlangs ontdekt dat er echt geweldige albums tussen zitten. Luister eens naar het eerste deel van het live album uit 2008 ‘On Stage’ en het prachtige 'Inner Blue' uit 2011. Zulke goede muziek maar er zijn geen eens, of nauwelijks, recensies van te vinden. Jammer. 

Mijn mooie herinneringen aan ‘ooit’, zoals boven genoemd, én de muziek van Passport, motiveerden mij om wat regels te wijden aan het overlijden van Klaus Doldinger. Uit respect voor een erg goede muzikant waar buiten Duitsland te weinig mensen aandacht aan gaven. Ach, weer iemand uit ons collectief muzikaal geheugen die er niet meer is...

maandag 15 september 2025

FOTOGRAFIE & SONY DSC HX-60

We weten allemaal hoe snel software steeds beter en intelligenter wordt. Kijk maar naar allerlei AI-applicaties die we tegenwoordig gebruiken. ‘Embedded’ software in de meest uiteenlopende apparatuur maakt het leven steeds makkelijker. Embedded software is ingebouwd in industriële en consumentenproducten die draagbaar zijn of ‘stand alone’ functioneren. Bijvoorbeeld smartphones, laptops, wasmachines, koffiezetapparaten, auto's, enzovoort. Eigenlijk bijna alles wat niet met keilbouten ergens aan vastgeschroefd is. De smartphone is natuurlijk het grootste embedded wonder van deze tijd. Die kan nog net niet het gras maaien en de luiers verschonen, maar dat is een kwestie van tijd. Allemaal bij wijze van spreken he?

Afgezien van de eindeloze hoeveelheid functionaliteiten, verbaas ik mij steeds meer over de fotografische capaciteiten van de modernste smartphones. J. heeft onlangs zowel een nieuwe Samsung als een nieuwe Apple in gebruik genomen. De eerste als onderdeel van haar KPN abonnement en de tweede van de baas. De kwaliteit van de foto's van beide toestellen zijn niet normaal. Bovenstaande foto maakte J. vorig jaar met haar vorige Samsung. Het is in slot Schönbrunn in Wenen. Gemaakt met met haar vorige toestel, een Galaxy A52s! Het toestel stelde scherp, corrigeerde de witbalans, de belichting, de kleur, eigenlijk alles in een 'split second'. Ook dat toestel was al een technisch wondertje. De A52 was uitgerust met het z.g. quad-camera systeem (4 camera's). Zelfs bij weinig licht zorgde de 64 MP hoofdcamera voor een zeer goede kwaliteit. Het toestel had daarnaast een ultra-groothoekcamera 12MP, een macrocamera 5MP en een dieptesensor 5MP.  Het toestel is uit de handel en wordt inmiddels fotografisch in de schaduw gezet door haar nieuwe smartphones. 

Als we samen op pad zijn en ik heb mijn Nikon SLR bij mij dan raak ik bijna gefrustreerd. Uiteindelijk haal ik met nabewerking ook wel prima resultaten, maar dat is gewoon veel werk, terwijl de smartphones met ‘point & shoot’ instant minimaal hetzelfde resultaat bereiken, zo niet beter! Nabewerken vind ik leuk en het hoort bij serieuze digitale fotografie en ik doe het al meer dan twintig jaar. Maar wie  doet en wie wil dat nog? Met de technische resultaten van de moderne smartphone lijkt nabewerking bovendien overbodig. Ik moet wel benadrukken dat nabewerken met een smartphone ook kan door allerlei ingebouwde tools of zelfs met 'third party' applicaties. Is er dus eigenlijk geen bestaansrecht meer voor de ‘gewone’ fotocamera’s? Dat is een interessant onderwerp waar ik nog een keer induik. 

Hoe goed zijn de beste smartphones als fototoestel vergeleken met de SLR van weleer en de systeemcamera's van nu? Waarom zou je die laatste twee nog overwegen om aan te schaffen? Ik som eerst maar eens de sterktes en zwaktes op.

SMARTPHONE

Sterktes

  • Licht, compact, volledig automatisch en altijd bij de hand.
  • Point & shoot dus en er kan eigenlijk bijna niets mis gaan.
  • Vanwege de steeds betere software werkelijk fenomenale resultaten.

Zwaktes

  • Kleine sensor waardoor, theoretisch, er minder dynamisch bereik is dan met een grotere sensor. Ik merk er eerlijk gezegd niets van. Foto’s midden in de nacht genomen zijn nog best goed en zonder ruis van betekenis.
  • Zoom. Ondanks een hele rits cameraatjes en lenzen in de meest geavanceerde moderne smartphones, blijft dit dé achilleshiel van de smartphone. Inzoomen moet digitaal of met een beperkt lensje. Hier verliest voor mij de smartphone het voor 100% van de camera's met een echte, dus optische, zoomlens. Als je niet optisch kunt inzoomen ben je gewoon een groot deel van de creatieve mogelijkheden kwijt. Killing...
  • Geen zoeker en dat is uitermate nadelig bij zonnig weer.

SPIEGELREFLEX & SYSTEEMCAMERA’S

De moderne systeemcamera is een doorontwikkeling van de Digital Single-Lens Reflex (DSLR), de spiegelreflex. De spiegel zit er niet meer in maar verder zijn ze conceptueel vergelijkbaar en op beide kun je andere lenzen zetten. De systeemcamera is uiteraard weer een aantal flinke stappen verder op het gebied van software en elektronica. Het aanbod DSLR's loopt vlot terug, dus de systeemcamera heeft het binnenkort volledig voor het zeggen!

Sterktes

  • Grote sensoren (tot full frame) geven erg veel detail en heel goede prestaties bij weinig licht.
  • Heldere zoeker die zorgt dat je ook met veel licht kunt zien wat je fotografeert. Bij een DSLR via de spiegel en bij een systeemcamera elektronisch via de sensor.
  • Uiteraard de mogelijkheid lenzen te kunnen verwisselen en andere lenzen te gebruiken zoals tele- en zoomlenzen. Dit is echt het grootste verschil met de smartphone die dit niet kan en voor mij dus een knock-out criterium in dit vergelijk. Knock-out voor de smartphone bedoel ik dan, voor de duidelijkheid.
  • Degelijk en robuust gebouwd.
  • De camera's van de topmerken zijn geschikt voor professioneel gebruik.

 Zwaktes

  • Groter, zwaarder en het is echt een last om met camera en lenzen onderweg te zijn. Als je geen professional bent of wat ouder wordt en het gesleep gewoon zat bent, dan kan het een doorslaggevende reden zijn of worden om van de aanschaf van dit soort camera's af te zien.
  • De nieuwe systeemcamera’s zijn erg duur, maar de prijzen beginnen gelukkig wat te zakken. De DSLR’s verdwijnen langzaam maar zeker van de markt. Jammer...
     


SAMENVATTING

Als ik het bovenstaande samenvat en conclusies trek dan kom ik op het volgende:

  • Voor dagelijkse foto’s, vakanties, social media, herinneringen maar ook serieuze fotografie zijn smartphones zó goed dat je er bijna alles mee kan. Behalve spelen met lange brandpuntafstanden (lees: telefoto’s maken) en dan haken serieuze hobbyisten en (professionele) fotografen gewoon af, daar bestaat geen twijfel over. Maar voor bijna iedereen zijn ze echt geweldig.
  • Voor meer serieuze, artistieke, technische en professionele fotografie blijven systeemcamera’s en ook de oudere DSLR’s onovertroffen. Maar dat gesleep he? Dat blijft een keuze.

MAAR...

Maar... dit is niet het hele verhaal! De aanleiding om weer eens wat over fotografische hardware te schrijven was de ontdekking van mijn Sony DSC HX-60. Zie mijn Sail-blog. De Sony is een zogenaamde compactcamera. Deze waren tot ongeveer 15 jaar geleden buitengewoon populair. Het was een apart camera-segment en heb ik hierboven niet benoemd. Het waren uitstekende camera's en alle bekende merken verkochten ze. Nadeel was dat ze soms wel erg klein waren voor mensen met grote handen. De vraag naar de compactcamera stortte in met de komst van de smartphone. Ze worden niet meer gemaakt behoudens een paar peperdure modellen. 

Een ander niche product is de bridgecamera. Die zijn wat kleiner dan de systeemcamera's en spotgoedkoop. De bridgecamera heeft een vaste zoomlens, soms soms wel met een bereik van 1000 mm+. Dat is echt wel vet. Wie geen kilo’s glaswerk wil meesjouwen en niet zijn of haar hypotheek wil verhogen, kan eigenlijk alleen bij bridgecamera’s terecht. Ik denk aan vogelaars met een wat kleinere beurs bijvoorbeeld. Ik heb er diverse gehad van Fuiji. Het aanbod is echter uiterst minimaal en ik vrees ook voor de toekomst van dit type camera.

Wij hadden destijds dus geluk met onze impulsaankoop van de Sony DSC HX-60 compactcamera. Dat is inmiddels een paar jaar terug. Hij beviel erg goed toen ik hem voor heerst gebruikte tijdens Sail. Ik beloofde terug te komen op deze camera. Kon hij het een beetje opnemen tegen mijn Nikon DSLR? Ik heb de kleine Sony inmiddels getest en de conclusie is dat het mijn ‘daily’ camera wordt. Deze Sony biedt gemak, creativiteit op allerlei vlakken, een heerlijke compactheid en prima resultaten. Hij kan zeker in de schaduw staan van mijn Nikon en op creatief vlak laat mijn Sony een smartphone in het stof bijten. Maar de instant resultaten van de modernste (en erg dure) smartphones zijn zo ongelofelijk goed, dat redt de Sony niet. Maar met nabewerking, het is mijn hobby tenslotte, loop ik dat grotendeels weer in. De fenomenale zoomlens is voor mij echter een niet te verslaan voordeel en de reden om de Sony ‘daily’ te maken. Ik ben verder tevreden over de prestaties, ook bij weinig licht. Ik heb in een paar dagen een kleine hoeveelheid testfoto's gemaakt. Met name om de resultaten te zien bij schaars licht. Klik op de hyperlink hierna om de resultaten te zien van mijn 'zakjapanner':

HYPERLINK: SONY DSC HX-60 | PORTFOLIOLIO

Tsja… erg blij dus met mijn kleine Sony. Maar, eerlijk? Ik denk dat het een kwestie van tijd is dat smartphones op de een of andere manier ook zoom en telelens mogelijkheden gaan krijgen. Dat wordt misschien het einde van de ‘echte’ camera’s. Software en AI bepalen nu en straks ons leven, meer dan welke science fiction schrijver ooit kon vermoeden. We gaan het zien. Voor nu ben ik heppie de peppie met mijn kleine Japanse vriend en nabewerken blijf ik toch wel doen 😄


zaterdag 6 september 2025

CHIP WICKHAM – THE ETERNAL NOW

Iedere vrijdag vraag ik Spotify naar ‘new releases’ gebaseerd op mijn voorkeuren. Op zich werkt het algoritme uitstekend en krijg ik passende suggesties. Maar dat ik helemaal blij ben met een nieuwe release komt niet vaak voor. De afgelopen twee jaar was dat onder andere het geval met muziek van Paolo Fresu, Muriel Grossmann en Charles Lloyd, voor zover ik dat kan terughalen. Deze week eindelijk weer eens een prachtig album: 'The Eternal Now' van Chip Wickham. Saxofonist en fluitist Wickham is een rijzende ster in het Britse jazzlandschap. Hij heeft een paar prachtige albums op zijn naam staan die variëren van enigszins traditionele jazz en hard bop tot meer groovy en spirituele jazz. Ik volg hem al geruime tijd want zijn werk spreekt mij steeds meer aan. Het is Wickham blijkbaar nog niet goed gelukt om zich internationaal op de kaart te zetten. Ik kom nog maar weinig over hem tegen in de muziekpers en sociale media, de Engelse platforms uitgezonderd. The Eternal Now is van dusdanige kwaliteit dat het echt wel hoog tijd is dat ik hier bij Chip en zijn muziek stil te sta.

Chip Wickham (1975) is een Britse fluitist en saxofonist die begon in hip-hop en drum & bass maar zich ontwikkelde naar jazzmuzikant. Jazz is waar zijn hart ligt, zoals hij op zijn website zegt. Hij maakte voor Gondwana Records een reeks spirituele en soulvolle jazzalbums, waaronder Cloud 10 (2022) en Blue to Red (2023) en nu zijn meest recente werk The Eternal Now. Chip combineert traditionele jazz, met sfeervolle en spirituele muziek en invloeden van, onder andere, Lonnie Liston Smith. Hij werkt tegenwoordig veel samen met Matthew Halsall, oprichter en de grote man van Gondwana Records. Zij speelden op elkaars wederzijdse albums. Ik ben ook van Matthew een groot bewonderaar, ik mag wel zeggen van het eerste uur. Matthew's muziek en spel staat, ook internationaal, zeer hoog aangeschreven. Chip is dus in uitstekend gezelschap.

‘The Eternal Now’ is Chips vierde release voor Gondwana Records en wat mij betreft de beste. Deze nieuwe release heeft iets meer eigens dan Chip's voorgaande albums. Ik vind het erg aangename muziek met een heerlijke flow waarbij mijn meeste punten gaan naar drummer Luke Flowers. Maar alle muzikanten verdienen de credits voor het afleveren van dit prachtige album. Onderaan dit blog heb ik hun namen opgesomd.
 


In het recente verleden fulmineerde ik regelmatig tegen de nieuwe stijl van jazz-drummen. Met name de Engelse drummers lijken met elkaar te hebben afgesproken dat ze zo druk en onrustig mogelijk te keer moeten gaan op hun trommeltjes. Vooral geen groove! Daar ben ik het echt totaal niet mee eens. In mijn beleving is een jazzdrummer de motor en sfeermaker die met groove, dynamiek en interactie zowel de timing bewaakt als de muziek vooruit stuwt. Dat gaat niet als je de drumkit als expressief instrument gebruikt en de pulse loslaat zoals bij meer vrije stijlen. Flowers begrijpt dit als geen ander; geen gekloot op trommeltjes. Hij heeft niet voor niets een muzikaal CV dat er niet om liegt. Als die man een groove neerlegt ga ik bijna zweven. Luister maar eens naar ‘Nara Black’. 

 

Geweldig toch? Het klinkt warm maar ook een beetje vertrouwd. Ik zie op het filmpje ook de aloude Fender Rhodes, wat een geweldig instrument. Ik moet ook denken aan 'Return to Forever' met onder andere Flora Purim. Het was ooit één van de belangrijkste en meest succesvolle jazz-fusion bands. Maar ja, wie weet dat nog? Hun eerste en meest succesvolle album is van 1972 en Chick Corea overleed inmiddels alweer bijna vijf jaar geleden...

Zoals alle Gondwana producten klinkt dit album excellent. Halsall en zijn recording engineers slagen er doorgaans in om een warme, rijke en gedetailleerde sound neer te zetten die overtuigt zonder klinisch te zijn. Ondanks de veronderstelde inferieure kwaliteit van de Spotify stream*) klinkt deze muziek serieus goed in mijn 'Mancave'. De vintage en refurbished Luxman versterker en idem B&W speakers zijn uiteraard essentieel daarbij, want die staan hun audiofiele mannetje nog altijd met verve. Deze muziek komt overtuigend binnen, maar met High End audio apparatuur zal het zeker nog briljanter klinken, mits de akoestiek ok is. Chip beveelt overigens de vinyl versie aan van zijn album. Maar dat is een muzikant en die hebben veel verstand van muziek maar weinig van audio 😂😂😂

*) Audiofiele statusretoriek noem ik het. 'Presbyacusisheet het natuurlijke gehoorverlies vanaf ons twintigste levensjaar. Dat gaat heel geleidelijk maar het neemt ons gewoon te grazen. De teruggang zorgt er voor dat het verschil tussen lossless en lossy (mits hoogste compressie-kwaliteit) vanaf een bepaalde leeftijd, ongeveer vijftig, vijfenvijftig jaar, niet meer waarneembaar is. Het verschilt uiteraard per individu. Ook 24 bits/44,1 kHz audio ligt trouwens buiten de waarneming van het volwassen menselijk gehoor. Het bestaansrecht daarvan is technisch en ligt bij de extra speelruimte die het biedt bij mixing, mastering en nabewerking.
 


Spotify streamt overigens vanaf deze maand lossless tot 24 bits/44,1 kHz. Het wordt stapsgewijze uitgerold en vanaf vandaag (!) bij mij. Sterker, vanaf nu! Het is de audiofiele aardverschuiving waar men al jaren op zit te wachten. Voor mij minstens tien jaar te laat ben ik bang. Ik kan het nu niet testen want mijn Yamaha streamer ondersteunt het niet. Bovendien weet ik voor 99% zeker dat ik het verschil niet ga horen. Maar ik ben toch wel nieuwsgierig, ondanks mijn leeftijd. Bovendien, 'The proof of the pudding', enzovoort... Spotify vraagt (nog) geen etxra geld. Dat kan wel eens lastig worden voor veel andere aanbieders. Ik ga eerst maar eens een nieuwe streamer kopen voor in de huiskamer. Dit wordt zeker vervolgd!



Sorry, ik dwaal af, het ging over Chip Wickham's nieuwe album. De muziekstijl op deze studioset van Wickham wisselt met natuurlijk gemak van groovy modale hardbop naar rustiger of soulvollere songs. Maar, jemig, elke noot is 100% raak. Waanzinnig goed gewoon en, zo lijkt dat, moeiteloos gespeeld. Al met al, dit album is niet grensverleggend, maar de muzikaliteit, het vakmanschap en de sfeer van Wickham's muziek is subliem. Ik voorspel dat deze man een artiest van grote betekenis kan gaan worden. De tijd zal het uitwijzen. Absoluut aanbevolen, maar dat zal geen verrassing zijn.

Chip Wickham – altofluit, fluit, sopraan- en tenorsaxofoon
PEACH. – vocals
Eoin Grace – trompet & flugelhorn
George Cooper – Fender Rhodes
Simon ‘Sneaky’ Houghton – contrabas
Luke Flowers – drums
Christophe Leroux – cello
Snowboy – conga’s & percussie
Mohamed Oweda – viool
Lia Wickham – vocals

donderdag 4 september 2025

SAIL 2025

 “Zullen we weer naar SAIL gaan dit jaar?” vroeg J. ‘Tuurlijk, leuk, goed idee!” zei ik. De vorige keer was in 2015 en toen zijn we er ook geweest en dat was een eclatant succes. Het was destijds geweldig mooi weer en we waren er van ‘s ochtends een uur of tien tot en met een prachtige zonsondergang. Een topdag. Niets stond ons dus een nieuw bezoek aan het grootste maritieme evenement ter wereld in de weg. Nou, toch wel... Een beetje rekenen en ik kwam op 200 tot 250 euro voor een half dagje SAIL Amsterdam met zijn tweeën. Dat vond ik gewoon te veel. Ons nieuwe leven, met ondergetekende in de rol van pensionado, vraagt om serieus en enigszins terughoudend financieel beheer. We zochten op Google maps naar een andere locatie dan Amsterdam, dan maar zonder rondvaart. De start van SAIL Amsterdam vanuit IJmuiden heet de SAIL-In Parade. Dat is de officiële intocht waarbij de tall ships en andere deelnemende schepen, na het verlaten van de sluizen van IJmuiden, over het Noordzeekanaal richting de Amsterdamse haven varen.  Start om 10:00 uur. Duidelijk verhaal, we pakken de auto en parkeren ergens langs het kanaal en dan zien we daar de tall ships en andere vaartuigen langskomen. Appeltje-eitje. Ju zag op de kaart een wijk langs het water in Velsen-Zuid met een park. “Dan parkeren we daar de auto en zoeken een bankje langs het kanaal!” Top idee! Koffie en broodjes erbij, kan niet mis gaan. Daarna gaan we dan aan het strand lunchen en dan hebben we voor een fractie van de kosten toch ook een leuke dag? We konden niet wachten, echt zin an.


De volgende dag reden we richting IJmuiden en Velsen om ons slimme en vast wel unieke plan ten uitvoer te brengen. Wat een lekker stel he? Lief maar dom... Al tientallen kilometers voordat er nog maar sprake was van lange schepen of Noordzeekanalen, zagen we links en rechts verstopte wegen, wegomleidingen en afgesloten wijken met verkeersregelaars om al het verkeer in goede banen te geleiden. Echt, alles stond muurvast of was afgesloten. Ons doel, Velsen-Zuid, was totaal onbereikbaar. We kregen echt de slappe lach om ons zelf. "Wat een naïeve sukkels zijn we toch 😂😂😂". Is het op deze planeet überhaupt nog ergens rustig als er iets bijzonders is te zien?

Na enige tijd reden we in een lange file richting IJmuiden. Omdat we gisteren hadden bedacht na het evenement iets te lunchen aan het strand, sukkelden we dus maar wat verder die kant op. Op een gegeven moment reden we vlak langs de dijk van het kanaal die helemaal vol stond met mensen en daarachter kwamen opeens de schepen heel goed in beeld! Helemaal geen gekke plek om te kijken naar de parade. Soort van, bijna, eerste rang eigenlijk!



De file stond even stil en we spraken af dat J. de auto uitging zodat in ieder geval één van ons de schepen zou kunnen zien en fotograferen. Ik zou proberen ergens te parkeren. Ze stapte uit en mengde zich tussen het publiek en ik reed langzaam verder. We zouden elkaar wel weer vinden. Ik sloeg iets verderop een willekeurige straat in en zag na 100 meter een nagenoeg leeg parkeerterrein! Naast het politiebureau. Een minuut of tien later stond ik ook op de dijk tussen het publiek, iets verderop dan waar J. uit de auto was gestapt. Waar ik stond had ik ook een geweldig zicht op de vaartuigen met de schitterende tall ships. Er heerste een opvallend goeie sfeer bij de bezoekers en het voelde ouderwets gezellig. Zo 'van toen was geluk nog heel gewoon'. Na een uur vonden we elkaar weer. We hadden allebei volop genoten en foto’s kunnen maken. 

Het indrukwekkendste tall ship was wat ons betreft de B.A.P. Unión uit Peru. Dat is een viermastbark (zeilschip met vier masten) en het grootste tall ship van 'The Americas'. De B.A.P. Unión dient als opleidingsvaartuig voor marine cadetten en als drijvende ambassadeur voor de cultuur en tradities van Peru. Het schip is pas in 2015 gebouwd! Het hoogtepunt was het moment dat tientallen matrozen op de ra’s klommen bij wijze van zeilvertoon en groet. De hoogste mast is 53,5 meter hoog (lang?).


Ik had vandaag voor het eerst onze Sony DSC-HX60 bij mij, een compacte superzoom camera. Ik ben het gesjouw met zware spiegelreflexcamera’s een beetje zat en had mijn Nikon thuisgelaten. De Sony hadden we jaren geleden als tweedehandsje gekocht. Vanaf dag één waren we de accu’s en de oplader kwijt. Lekker handig, not... Ik kwam de camera onlangs weer tegen en bestelde voor een paar tientjes een oplader en twee accu’s. Een heerlijk makkelijk en stevig gebouwd cameraatje dat inmiddels zelfs geld waard is, zo vertelde de verkoper van Kamera Express. Het zoombereik van 24 tot 720 mm is echt gaaf. Ik denk dat deze camera zo maar eens mijn ‘daily cam’ kan gaan worden. Vandaag een mooie dag om deze kleine Sony aan de tand te voelen. In de kleine fotoselectie, zie hierna, staan een paar vrouwelijke Peruviaanse cadetten boven in de mast van de B.A.P. Unión op meer dan 50 meter hoogte en ongeveer 120 meter ver weg. Geweldig, dat zoombereik, dat gaat de beste smartphone mooi (nog) niet redden en je moet een peperdure lens (2K+) kopen voor een SLR om dit bereik te halen. De camera beviel dus uitstekend. Het werkt allemaal super, weegt bijna niks en verdwijnt zo in een binnenzak, zo makkelijk. Ik ga nog een paar testen doen bij verschillende condities. Als dat goed gaat dan gaat de Nikon met pensioen, net als zijn baasje. Ik laat het later nog weten.


Ik heb een kleine selectie van foto’s gemaakt; hier even klikken: 

HYPERLINK: flickr | SAIL 2025

Na de bootjes hebben we geluncht aan het strand onder de rook van Tata Steel. Heel aparte omgeving. Hoogovens, de grootste zeesluizen ter wereld én een werkelijk prachtig zand. Maffe combinatie. Het was oprecht een leuk en afwisselend dagje. Geen zin in al te veel drukte en kosten? IJmuiden en omgeving is met SAIL dan helemaal niet verkeerd en een prima alternatief. Maar voor de volledige ervaring moet je natuurlijk naar Amsterdam.

 


dinsdag 19 augustus 2025

TWAALFDUIZEND

Het lijkt heel wat, 12.000 kilometer fietsen. Deze kilometerstand verscheen vorige week op het schermpje van mijn fietscomputer. Ik heb er ruim zes jaar over gedaan. Ik ken mensen die hun hand er niet voor om draaien om honderd kilometer of meer te fietsen op een dag. Zonder elektrische ondersteuning... Die lachen zich een hoedje om dat aantal kilometers van mij. Toch ben ik wel tevreden met mijn bescheiden prestatie. Het is vooral de discipline om dagelijks het stalen ros te pakken die het hem voor mij doet. Ik heb mij die discipline zelf aangeleerd en het heeft mij met name gezondheidswinst opgeleverd en ontzettend veel gelukzalige momenten. Beetje overdreven? Om de donder niet, want elektrisch fietsen is gewoon onwijs leuk.



Op 20 april 2019 haalde ik mijn QWIC op bij onze fietsendealer. Vanaf het begin slaagde ik erin om nagenoeg iedere dag te fietsen. Gedurende die eerste twee jaar was het gewoon droog elke keer als ik ging fietsen. Een wonder. Gedurende de Corona-tijd was het werkelijk goddelijk, die fenomenale stilte, ik vergeet dat nooit meer. De twee opeenvolgende winters waren vooral erg nat. Maandenlang. De afgelopen winter ging redelijk, maar dit voorjaar en zomer waren en zijn werkelijk fantastisch. Ik geniet met volle teugen van het heerlijke weer.

Een enorme stoorzender de laatste jaren is wel de toenemende plaag van dat bejaarde gajes op hun peperdure e-bikes. Allemaal naast elkaar, veel te snel of veel te langzaam en geen enkele benul van en met het verkeer om zich heen. Echt rampzalig. Ik vermijd dat fietsende wrakhout door de wat meer verlaten stukken polder op te zoeken. Broodje mee, vers bakkie Nespresso erbij. Niks mis mee. Maar 's avonds en zelfs ’s nachts is fietsen ook geweldig en de beste oplossing voor het ouderen-overlastprobleem. Dan heb je een verlaten en hele stille wereld voor jezelf. 

Ja, ik weet het, ik ben ook een ouwe lul, maar ik wil gewoon geen onderdeel uit maken van die bejaarde fietsende stuntelparade. Ik vind het echt een vreselijk fenomeen en vergelijkbaar met de explosie van toeristen overal. Opzouten allemaal. Een geluk bij een ongeluk is dat fatbikers de polder mijden als de pest. Maarre... ik wilde eigenlijk alleen even bij de 12.000 gereden fietskilometers stilstaan 😊. Toch niet niks.

 

dinsdag 12 augustus 2025

EUROPA II

Mijn weblog vul ik graag met verhaaltjes (blogs) over zaken die ik zelf leuk, interessant of relevant vind. Met relevant doel ik op relevantie voor mij maar ook voor sommige lezers, veronderstel ik. Die serieuze 'topics' komen niet vaak langs want ik wil liever niet als eigenwijze betweter te boek staan. Maar dat is niet te vermijden als je wat vindt van de actualiteit, politiek en dergelijke. Je moet tegenwoordig zelfs oppassen wat je zegt of schrijft wat in het publieke domein terecht komt. Maar ik had de laatste tijd sterk de behoefte om wat te vinden van de geopolitiek in het huidige tijdsgewricht en dat heb ik nu toch maar opgeschreven. De titel is Europa II omdat ik in 2019 ook al eens een blog met de titel 'Europa' heb geschreven, maar die ging over fotografie. Wat hierna volgt bevat andere kost. Ik wil graag benadrukken dat het gedeeltelijk een historisch- en actueel feitenrelaas is en gedeeltelijk een verhaal doorspekt met mijn waarnemingen, meningen en suggesties in mijn positie als argeloos, enigszins geïnformeerd, maar 100% goedwillend individu. Ik heb niets verzonnen, de feiten, voor zover ik het als feiten kon identificeren, komen van het wereldwijde web en gedrukte media. Mijn mening over een aantal topics die ik hier onder de aandacht breng, is volledig subjectief en staat hier dus niet ter discussie want dit is mijn sinaasappelkist in het park... Ik heb de waarheid niet in pacht, maar ik ben niet van gisteren en ook zeker niet van de straat, maar af en toe wat subjectief duiden en eens tegen wat 'huisjes' aan trappen is heel verfrissend. Helaas gebeurt dat bijna niet meer door mensen met invloed en gezag. Dan doe ik het maar. Beschouw het als mijn manifest.

De mondiale geopolitiek laat ik, behoudens een klein toefje V.S., grotendeels buiten beschouwing. Enerzijds bij mijn gebrek aan duidelijke en grondige actuele kennis en anderzijds vanwege fake news en onduidelijke invloeden door partijen zoals multinationals, de wapenindustrie, religieuze extremisten, boevenstaten, MAGA's, bepaalde media en allerlei gekkies waar ik geen weet van heb. Zij vertroebelen of verhullen het zicht op de machinaties van macht en controle. Ik denk dat weinigen het hele plaatje kennen of begrijpen en ik hoor daar zeker niet bij, dus ik doe geen eens een poging. 

Ik refereerde hiervoor, in mijn 'daily driver' blog, aan de periode van de Amerikaanse Droom na WO II. We zijn nu meer dan 70 jaar verder in de tijd en van die droom is weinig meer over. De Verenigde Staten zijn in een vrije val terecht te komen waarbij de huidige POTUS er alles aan doet om van de V.S. een totalitaire boevenstaat te maken. De droom bestaat daar straks alleen nog voor een paar procent extreem rijken. Wat rest is een Amerikaanse samenleving die op enig moment helemaal geen gelijkheid meer kent. Een land van discriminatie waar de rechtsstaat voor bijna iedereen met rasse schreden wordt afgebroken. Een samenleving waar het recht van de sterkste geldt en de POTUS als autocratische half demente opperboef over alles regeert. Over de schrijnende staat van infrastructuur, cultuur, zorg, milieu, dramatisch toenemende armoede en dergelijke moeten we het helemaal maar niet hebben. Het uitvaardigen van decreten en iedereen maar links en rechts uit zijn functie flikkeren helpt ook niet echt. Het lijkt en kwestie van tijd voordat de burgeroorlog daar uitbreekt. En de daily driver? Zie mijn eerdere blog. Dat is voor veel Amerikanen de pick-up truck geworden, die monstrueuze smakeloze gedrochten. Het zijn er zoveel dat de CO2-uitstoot van alleen die trucks meer dan 15 keer zoveel is als de uitstoot van de hele staat Noorwegen. Een regelrechte aanval op het milieu. Maar laten we hopen dat het allemaal niet te erg uit gaat pakken voor de Amerikanen. Ik wens hen natuurlijk het beste, maarre... voor bijna de helft van de Amerikaanse kiezers geldt, eigen schuld, dikke bult.

Europa heeft, op de keper beschouwd, in de naoorlogse decennia een tegenovergestelde tendens doorgemaakt. 'Geholpen' door twee wereldoorlogen en een mondiale economische crisis. Europa was in 1945 een vervallen werelddeel dat grotendeels in puin lag. Naar schatting 65 miljoen (!) mensen waren door WO II uit hun huizen verdreven door een regime wat het flikte om vele miljoenen mensen op een industriële en zeer efficiënte manier in 'fabrieken' te vernietigen. De lopende band zeg maar. Dringt dat eigenlijk nog wel door? Dat is lastig he? De aantallen zijn ook niet voor te stellen. Die 65 miljoen is zeven keer het aantal inwoners van Nederland van toen. Mensen die door de nazi's als slaven werden gebruikt, ex-krijgsgevangenen en vooral miljoenen burgers wier huizen waren gebombardeerd en beschoten en die op de vlucht waren geslagen voor oprukkende legers. Legers van de agressors, maar in de laatste jaren ook van de geallieerden. In 1943 werd de United Nations Relief and Rehabilitation Administration (UNRRA) opgericht om hulp aan oorlogsslachtoffers te bieden op elk denkbaar terrein, inclusief het verlenen van bijstand bij de repatriëring. Zij waren succesvol met deze schier onmogelijke taak. Een onvoorstelbare prestatie. De Verenigde Staten speelde de belangrijkste rol bij onze bevrijding en het herstel van Europa. Daar was er het Marshallplan, een Amerikaans hulpprogramma van 1948 tot 1952 dat de economische wederopbouw van West-Europa na de Tweede Wereldoorlog stimuleerde. Het bood financiële steun (13 miljard dollar, huidige waarde ± 140 miljard dollar), goederen en expertise om industrieën en infrastructuur te herstellen en vormde een buffer tegen de verspreiding van het communisme, wat de Amerikaanse geopolitieke invloed vergrootte. 

Hoe is het in godsnaam mogelijk dat het collectief geheugen blijkbaar niet in staat is om de kennis en bewustzijn voldoende over te dragen naar volgende generaties. Het is niet te bevatten wat de tweede, maar ook de eerste wereldoorlog, heeft veroorzaakt in ons werelddeel. On-voor-stel-baar menselijk leed en een materiële chaos waar geen woorden voor te vinden zijn. Het was de absolute hel op aarde voor vele miljoenen wereldburgers. Maar verbijsterend veel mensen hebben er nauwelijks enig gevoel bij.


Nu, na 80 jaar, is het in de meeste Europese lidstaten vrijer, democratischer, rijker, ontwikkelder, veiliger, schoner en gezonder geworden en de welvaart beter verdeeld dan ooit tevoren. Overigens niet alleen vergeleken met het Europa van 1945, maar ook vergeleken met de rest van de wereld. Het fenomeen van een naoorlogs hersteld, democratisch en veilig Europa van vandaag is volslagen uniek in de wereldhistorie en dient door iedere Europeaan gekoesterd te worden. Wat heet, aanbeden... Ongelofelijk positief toch? Maar vanwege een totale blindheid voor al die enorme verworvenheden en een volledig te kort aan historisch besef, zijn we een beschamend stel verwende, zeurende kleine Europese kinderen geworden. Het is te schandalig voor woorden eigenlijk.



In Nederland kunnen we er ook wat van en dat geklaag hangt mij al erg lang behoorlijk de keel uit. We moeten ons schamen en maar eens terugkijken naar de Europese geschiedenis en de wereld om ons heen. Begin daar maar eens mee en stop met zeiken dat het glas niet tot aan het randje is gevuld. Dat is het nooit, maar in Nederland zitten we er best dicht tegenaan. Ik benadruk dit want door dat gehuilebalk ontwikkelen we een sfeer van zwakte en verdeeldheid en daarmee een voedingsbodem voor populisme en extremisme. En opgepast, de populistische politici zitten als gieren met kromme nekken te wachten op het moment dat hun tijd rijp is en aan te vallen. Dat gebeurt al een tijdje in Europa en zeker in Nederland. Dat moet stoppen want het is een zekere route naar ellende. Met populisme bedoel ik niet alleen de bekende Haagse roeptoeters maar ook letterlijk iedereen, ook individuen, die met makkelijke 'one liners' en niet onderbouwde domme opvattingen de sfeer aardig kunnen beïnvloeden. In de politiek zijn het 'one issue' partijen die graag wijzen naar door hen benoemde schuldigen. Dat kunnen individuen, instanties, processen maar ook hele bevolkingsgroepen zijn die tegen elkaar uitgespeeld of geslachtofferd worden. De onderliggende boodschap is dat met hun voorgestelde monomane maatregelen alle problemen worden opgelost. Yeah right. Het is zeer hoogtijd voor scherpe, intelligente, welbespraakte en goed opgeleide politici en beleidsmakers. Mensen met een boodschap en gevoel voor nuance, diplomatie, humor en kennis van zaken, alle zaken (!) en het kompas in de juiste morele, empathische en ethische richting. Een Minister van Landbouw met twee jaar Mavo? Kom op zeg.

Er bestaan trouwens geen voorbeelden uit de historie waarbij populistische leiders een land duurzaam naar grote en succesvolle hoogten brachten zonder dat mensenrechten en democratische  waarden in het nauw kwamen. Maar, het is wel van belang de issues van populisten serieus te nemen want die kunnen wel degelijk een belangrijk punt van aandacht zijn en om  actie vragen. Het geldt uiteraard voor iedereen maar houdt de lat van de wet er wel naast en handhaaf! Want groepen die te ver gaan en de wet overtreden verdienen geen platform.

Wat mij ook hindert is het kleineren van de Nederlandse (en de Europese) rol op het wereldtoneel. Dat is niet goed voor het vertrouwen in onze toekomst en daar moeten we dus ook onmiddellijk mee kappen. Nederland is helemaal geen 'klein land' wat iedereen maar steeds zegt. Nederland is mondiaal zeer belangrijk, niet qua militaire macht of bevolkingsomvang, maar als economische en technologische spil. Vooral ASML en een tal van andere bedrijven geeft ons land een meer dan unieke positie in de wereldwijde technologiemarkt. Daarnaast zijn logistiek (Rotterdam, Schiphol), landbouwexport en internationale diplomatie kerngebieden waar Nederland een buitenmaatse rol speelt. Een paar voorbeelden: Nederland is na Noorwegen en Denemarken de derde economie per capita van de wereld! De Randstad is na Londen, Parijs en het Ruhrgebied de vierde grootste economische regio in Europa, gemeten naar bruto regionaal product. Nederland is de 5e economie  in absolute zin van de EU en bovendien de sterkste en stabielste groeier van alle 27 lidstaten. Nederland is na de Verenigde Staten de grootste landbouw- en voedselexporteur ter wereld, met een exportwaarde die in 2024 €130 miljard bedroeg. Daar kun je uiteraard ook van alles van vinden, maar ik bedoel maar. Ik stop met opsommen, maar geloof mij, Nederland is echt het beste jongetje van de klas op veel, héél veel terreinen, zelfs sport én cultuur. ADE is ook cultuur he? Het grootste evenement in zijn soort ter wereld. Doe de fact check en kijk gewoon eens om ons heen! U bent toch niet blind? Nederland wordt internationaal bovendien ook nog eens beschouwd als een gidsland op onder andere sociaal, zorg, politiek (nog...), technisch, technologisch en mensenrechten gebied. Het voorgaande laat uiteraard niet onverlet dat er nog meer dan genoeg te verbeteren is in Nederland. Méér dan genoeg, laat dat duidelijk zijn. De barsten in de Nederlandse samenleving zijn serieus... Daar kan geen discussie over bestaan. Achterover leunen en zwelgen in zelfgenoegzaamheid is niet mijn boodschap hier. Maar laten we elkaar geen zwakte aanpraten, dat is wél mijn boodschap!

Maar, helaas... ik vrees wel voor de toenemende barsten in ons Europese bastion. Met name Frankrijk is een gevaar voor de economische stabiliteit van Europa, met al dat gestaak. Een groot land in alle opzichten dat de EU kan omtrekken... Daarnaast uiteraard de militaire dreiging vanuit Rusland en hun vreemde bondjes met andere grootmachten als China en India. Dat de V.S. zich niet wenst te mengen in dat spanningsveld helpt ook niet voor Europeanen om zich lekker senang te voelen. Het is misschien wel de grootste dreiging voor de wereldvrede. De oorlog in Oekraïne en de vele integriteitschendingen door Rusland van diverse EU luchtruimten en territoriale wateren zijn een gotspe. Een bewijs van de kwalijke bedoelingen van het Russische regime. We moeten maar hopen dat de Russen zich inhouden. Wat moet je doen als ze één van de Baltische staten binnenvallen? Echt, er is geen antwoord op. Ik ben bang dat het dan weinig uitmaakt of de EU wel of niet verdeeld is. Armageddon ligt dan op de loer.

Onderstaande foto toont het dorp Deleitosa in Extremadura in Spanje in 1950 door de wereldberoemde fotograaf William Eugene Smith. Onvoorstelbaar toch? Ze werden ooit gepubliceerd in de Time Life Landen boekenserie. Die hadden wij thuis. Ik had een paar favoriete landen waarvan ik steeds weer ademloos de  foto's bekeek van de Verenigde Staten en Spanje. In de eerste vergaapte ik mij aan de rijkdom en de tweede aan de foto's van Eugene Smith van een land wat net zo exotisch leek als Afrika. Ik vond het als kind al onvoorstelbaar dat die foto's een paar jaar voor mijn geboorte waren gemaakt. Als de huidige POTUS nog even de vrije hand krijgt dan zien Mississippi en Louisiana, de armste Amerikaanse staten, er over een jaar of tien ook zo uit, zo niet erger. Als we de populisten de ruimte geven, staat Europa er straks ook weer zo voor. Bij wijze van spreken dan, het zal wel los lopen denk ik, maar mijn boodschap is wel duidelijk. Pas op, de foto ziet er misschien romantisch of pittoresk uit maar schijn bedriegt, het was pure en rauwe armoede.


Het voorkomen van nieuwe oorlogen en zeker stellen van vrijheid voor alle burgers waren de primaire redenen voor een verenigd Europa. Betere samenwerking in vele andere opzichten waren andere redenen. Beide zijn behoorlijk gelukt. Wij, de bewoners van Europa, mogen best wel wat trotser zijn op ons werelddeel. Ik val in herhaling, maar het fenomeen Europa is de grootste verworvenheid uit de menselijke geschiedenis, op eindeloos veel terreinen. Ondanks de Brexit. Minder nationalisme zou zeer helpen om Europa meer en beter weerbaarder te maken, maar er gebeurt nu eindelijk wel wat. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar dat komt wel dankzij de huidige POTUS' lompe gestrekte been! Iedereen aan de 5% 😑

De economische machtsverhoudingen zijn duidelijk verschoven richting Azië, met China als dé motor van economische groei en India als snelste groeier. Europese landen en Japan groeien trager en zakken relatief weg op de wereldranglijst en het Amerikaanse aandeel neemt af, hoewel de VS nog steeds by far de grootste zijn. Het is een dynamiek van opkomende markten die hun rol versterken ten koste van traditionele economische grootmachten. Niet te voorspellen hoe dat precies uit gaat pakken. Zeker voor een vergrijzend Europa.

Mijn tip. Het VK terug naar de EU. Dat men Brexit ooit heeft laten gebeuren is echt ongelofelijk, nee echt ongelofelijk, stom. Gewoon de zesde economie van de wereld laten weglopen uit je clubje. Hoe was dat in vredesnaam mogelijk? Laten we ons niet vergissen in de power van het VK. Hoe onbegrijpelijk. Terugkeer gaat natuurlijk een eeuwigheid duren, if ever, maar ik wilde het toch maar gezegd hebben. Stel je voor, EU + VK herenigd én geen vetorecht meer. Dat kan enerzijds een hele serieuze vuist zijn waar de wereld respect voor zal krijgen en anderzijds een geweldig blok om mee samen te werken. Samenwerken, dat is altijd het beste he?. Het zou tevens een finale power-injectie voor de EU kunnen zijn op vele gebieden. Denk aan geopolitiek momentum en Europese onafhankelijkheid op economisch, strategisch, militair, technisch en technologisch (IT) gebied. Op termijn kunnen we dan onafhankelijk worden van de Amerikaanse dominantie. Het recent gepubliceerde rapport, hieronder, adviseert om de relatie tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU stap voor stap te herstellen. Een no-brainer, dat had ik ze ook kunnen vertellen. Alleen mag of moet er wat mij betreft vaart achter worden gezet. Maar goed, er zit wat beweging in. Of het te laat is zal de toekomst uitwijzen.

Samenvattend, wat is de oplossing van dit alles? Tsja, dat is even andere koek. Ik heb hiervoor gepoogd wat historie en actualiteit in behapbare context te beschrijven en en ook wat suggesties te doen en mijn meningen te geven. Oplossingen zijn er uiteraard niet voor een globaal probleem met een complexiteit van historische omvang. Zeker niet door mij, haha. Maar ik vind het wel relevant dat ik, een gewone 'jongen' en geen politicus of historicus, juist vanuit een bepaalde onbevangenheid wat van de hele materie vind en, in mijn geval, dat deel met anderen. Ik denk dat ik in die zin de 'gewone man' vertegenwoordig en serieus moet worden genomen.

Ik heb eens een hele grote broek aangetrokken en wat huiswerk, kaders en 'tips & tricks voor de Europese burgers en de dames en heren politici in Brussel, Den Haag en Londen opgesomd. Dan kan iedereen lekker aan de slag 😂😂😂 (geintje). Bij dezen:

  • Democratie voor alles en nooit meer stemmen op populisten. Begrepen? Zo niet dan dommelen we straks verder in een heel gevaarlijke slaap waar in de tussentijd de wereldorde op politiek, economische en militair vlak er heel anders uit kan gaan zien. Degenen die ons uit die schoonheidsslaap wakker maken hebben dan weinig goeds voor ogen kan ik u vertellen.
  • De EU moet meer de kenmerken van een federatie krijgen om de eenheid te versterken. Ik neem aan dat ik niet de enige ben die dit vindt en weet dat het ter discussie staat en onder handen is.
  • In de EU moet dat verdomde vetorecht van tafel. Er is blijkbaar al veel debat over het afschaffen van het vetorecht, omdat het de slagkracht en effectiviteit van de EU vermindert en de voortgang op belangrijke dossiers belemmert. Het vertraagt de besluitvorming, blokkeert de ontwikkeling naar meer federale eenheid en heeft niets te maken met democratie. Als elk land een gelijke stem heeft voor besluiten over belangrijke onderwerpen die allen aangaat dan hoeven de kleine landen niet bang te zijn dat hun stem te weinig gewicht heeft.
  • De gemeenschappelijke problemen die er zijn, zoals klimaat, immigratie en dergelijke moeten EU-collectief en stap voor stap worden aangepakt en niet gekoppeld aan regeringen maar lange termijn planning. Dus niet per land want deze zaken houden zich niet aan grenzen,
  • Onze gemeenschappelijke Europese basale democratische, politieke, godsdienstige, culturele, ethische en verlichte waarden mogen door niets en niemand ondermijnd of onder druk worden gezet. 
  • De VK moet als de donder terug naar de EU, maar daar hebben we het al over gehad. Men vindt dat het stap voor stap moet. Ik vind dat het asap moet om de mondiale verhoudingen weer in balans te brengen.
  • In de EU moet vóór alles scheiding der machten én scheiding van kerk en staat gehandhaafd blijven. 
  • Ik denk dat we in Nederland ook het Rijnlands economisch model moeten koesteren bij wijze van bescherming van onze economie en welzijn van burgers. Onbekend met deze materie? Zoek het maar op, dat wordt wat te veel tekst hier
  • In Nederland moeten we de democratische gijzeling door te veel politieke partijen aanpakken. Het niet door kunnen pakken op vele dossiers is rampzalig en een dwaling. Wat mij betreft een grens stellen aan het aantal partijen.
  • Let op onze vrije nieuwsgaring. Het is één van de speerpunten van populisten en totalitaire regimes om die de kop in te drukken om uiteindelijk het volk dom te houden. Let ook, om dezelfde  redenen, op onze publieke omroep die gevaarlijk onder vuur ligt. Net als de cultuursector.
  • Ik weet niet of dit typisch Nederlands is, maar het uitwisselen van elkaars politieke waarheden en in het gesprek vooral geen gebaar maken naar de andere kant van de tafel, naar de opponent, heeft ons democratische landschap veranderd in een lachertje. Het gaat er niet om uw gelijk te halen dames en heren politici maar te zoeken naar overeenkomsten en oplossingen om vooruit te komen. Samenwerken heet dat, weleens van gehoord? Dat begint met luisteren en niet met verwijten maken. Uw hedendaagse politieke mores lijkt op een voetbal wedstrijd waar men twee maal negentig minuten met zijn allen staat te discussiëren hoe het spel gespeeld moet worden. U moet spelen weet u wel? Anders komt er nooit een bal in welk doel dan ook.
  • Het onderwerp kabinet-Schoof. Echt niet te geloven. Wilders blaast de boel op én heeft nog nooit iets bereikt én met de peilingen staan ze nu boven aan. WTF? Niets zo gevaarlijk als 'large crowds of stupid people' zei Frank Zappa ooit. Zijn wij Nederlanders (Wilders stemmers) net zo ongelofelijk stom als de Amerikanen (Trump stemmers) en de Britten (Brexit stemmers)? Het lijkt er wel op. Ik weet het ook even niet met de toekomst van de Nederlandse politiek...
  • In Nederland alles op alles zetten om personele te korten aan te pakken voor zorg, onderwijs, justitie, bouw, techniek en vele vele andere gebieden. Juist immigratie kan hier een goede rol bij spelen en dan pakken we de vergrijzing ook mee. En doorpakken met dit dossier he? Dan wassen wij dit varkentje wel.
  • Het belastingsysteem in Nederland moet echt op de helling en snel een beetje. Als het moet verzin ik wel iets 😊. Flat rate en het toeslagensysteem vervangen bijvoorbeeld. Maar, serieus, ik begrijp natuurlijk heel goed dat aanpassen zeer complex en zeer ingrijpend is. Maar, allemachtig, wat kost dat procedurele monster de samenleving nodeloos veel geld.
  • Het CO₂-probleem staat volledig haaks op de basisbehoeften van de Nederlandse samenleving. Denk aan huisvesting en een groot scala aan economische belangen die gerelateerd zijn aan primaire behoeften van het Nederlandse volk. Dus geef er in vredesnaam een klap op. Wetgeving aanpassen en doorpakken in lijn van EU kaders en afspraken.
  • Klimaat, ook Europees aanpakken. Geen domme dingen roepen als TATA Steel moet asap dicht. Uiteraard moet er wat gebeuren (dat gebuert ook wel), maar dan als onderdeel van een proces na te denken hoe wij in de wereld verder moeten met het gebruik van kunststoffen en andere materialen. Op dit moment is het 100% uitgesloten dat we stoppen met 'plastics' en staal. Dan stopt de wereld met draaien. Nagenoeg alles wordt gemaakt van staal en 'plastic'...
  • Opschalen van handhaving van wet en regelgeving in Nederland op diverse terreinen, maar vooral in zake veiligheid, want dit gaat helemaal de verkeerde kant op! Big time 😟. Het Nederlandse Wetboek van Strafrecht kent een hiërarchie in ernst van strafbare feiten. De rechterlijke macht dient die te toetsen maar daar gaat toch iets te vaak wat mis. Het kan niet zo zijn dat mensen in prominente posities constant bedreigd worden, terwijl bepaalde groepen in Nederland ongestoord hun misdadige gang kunnen gaan in de publieke ruimte. Ook jegens vrouwen. NS stations die gesloten moeten worden vanwege geweld en bedreigingen door groepen jongeren. Daarnaast nog het onuitstaanbare taboe om het beestje niet bij de naam te noemen. Nog even zeg, het is gewoon de bloody limit. Aanpakken die handel! Wat een onbegrijpelijke slappe zakken handhaving hebben we hier.
  • Artikel 9 van de grondwet benoemt het grondrecht op vrijheid van vergadering en betoging. Dat is prachtig, maar het gaat niet aan halve Nederlandse binnensteden te slopen omdat Israël of welke staat dan ook zich niet aan de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens houdt. Direct afkappen deze gewelddadige manier van demonstratie want onwettelijk. Handhaven dus. (Overigens, wat doen voetbal hooligans, georganiseerde ultrarechtse (of linkse) idioten en bepaalde etnische groepen bij deze ongeregeldheden?)
  • Ook maar eens kijken naar de effectiviteit van de rechterlijke macht. Een heel lastig onderwerp. Het meten met meerdere en (extreem) ongelijke maten betekent een enorme ondermijning van het gezag. Dat moeten beleidsmakers toch begrijpen? Strafmaat moet proportioneel worden toegepast. Justitie en de Rechterlijke macht bevinden zich wat dit betreft te vaak niet op één lijn. Eén of een aantal rechters die het werk van een heel justitieel apparaat (Openbaar Ministerie, politie en ministerie) in een procesgang gewoon van tafel vegen, dat kan niet de bedoeling zijn. Het aanpassen van wetten en interpretatie speelt hierbij een hele belangrijke rol en dat is blijkbaar een tijdrovende en moeizame uitdaging, ik weet het, maar er is geen keuze.
  • Tenslotte, wij, de Nederlandse burgers, moeten maar eens wat doen aan ons gedrag. Meer begrip, respect, tolerantie en 'laissez faire' zou ons allemaal goed doen. Wat te denken van voorkomendheid en gewoon aardig tegen elkaar zijn? Zijn er nog mensen die dat uit kunnen dragen? Correct taalgebruik, decorum, dat soort zaken. Mensen mogen ook eens gaan nadenken over politieke keuzes. Lees eens wat over de partijen en de lijsttrekkers, laat je informeren. Lees hun programma's en websites. Bovendien is er niks mis mee om Google en AI te raadplegen voor info en achtergrond en dergelijke. Onze democratie bestaat bij de gratie van wat wij met zijn allen stemmen en erg goed nadenken en informatie halen bij de juiste bronnen (!) is dus echt essentieel. Stemmen is ons grootste goed.
Voor velen en zeker voor de politieke en journalistieke professionals zijn dit natuurlijk allemaal gemakzuchtige open deuren en mijn opsomming is vast en zeker niet compleet. Maar ik wilde het voornamelijk voor mijzelf op een rijtje zetten, context geven en behapbaar maken. Ook voor eventuele lezers die niet dagelijks aangesloten zijn met de actualiteit. Wie schrijft die blijft. Mijn verhaal helpt wellicht bij beeldvorming en het bepalen van eigen standpunten. Voor nu ben ik met het onderwerp of, beter, de onderwerpen, he-le-maal klaar. Hierna weer luchtiger teksten. Carpe Diem!  

zaterdag 9 augustus 2025

DAILY DRIVER

‘Daily driver’ is een anglicisme voor de auto die iemand voor zijn of haar dagelijks vervoer gebruikt. Bijvoorbeeld woon-werk, zakelijke ritten, de boodschappen, noem maar op. De term vond zijn oorsprong in de naoorlogse autocultuur van de Verenigde Staten. Het waren de jaren dat de Amerikaanse Droom geleefd werd. De Verenigde Staten kende een ongekende jaarlijkse economische groei vanaf 1945 tot in de jaren zeventig. De (geld-) bomen groeide tot in de hemel en de meeste gezinnen hadden twee of zelfs meer auto's in hun bezit. Echte ‘petrol heads’ reden er minimaal één voor de hobby en één voor het dagelijkse werk. De daily driver 😊. De afbeelding hieronder komt uit een reclame van Chevrolet. De illustratie is handwerk, gemaakt met potlood en acryl, een kunstwerkje in mijn beleving. De groene auto is een Corvette, de rode een Bel Air, de daily driver. Beide auto's zijn van modeljaar 1955. In de reclame wordt de fluisterzachte V8 van de Bel Air aangeprezen. Die motor klinkt blijkbaar zo lekker als een kat die tevreden licht te snorren in het zonnetje. Een goed exemplaar van een Corvette met V8 en automaat vertegenwoordigt nu een veilingwaarde ergens tussen de 100.000 en 150.000 dollar! 



De tekenstijl heet 'Narrative Realism'. Ik ben daar helemaal gek van. De schilder Norman Rockwell was de bekendste beoefenaar van deze stijl. Deze artiesten gaven een geromantiseerde (autoreclames) of realistische en soms kritische weergave van de moderne Amerikaanse samenleving. Het waren zeer begaafde ambachtslieden, de Amerikaanse Caravaggios en Rembrandts van hun tijd. Nog één gave tekening, om het af te leren, een Pontiac Firebird Transam uit 1970, getekend door Art Fitzpatrick.



EEN INTRODUCTIE

Een daily driver dus, daar begon ik hierboven mee. In Europa komt de term dus ook steeds vaker voor. Ik heb in de vorige blogs aan mijn pensioen gerefereerd en mijn laatste daily driver, een mooie rode Opel Corsa, heb ik alweer ingeleverd. Het is, tot nader order, mijn laatste auto geworden want voor het eerst sinds 1975 heb ik geen daily driver ter beschikking meer. Dat klinkt voor sommigen als een gewone vaststelling. Boeien… Maar het is voor mij een soort amputatie die mij wel wat doet. Dit blog zie ik eigenlijk als een symbolische, maar voorlopige (!), afsluiting van mijn leven als praktiserend dagelijks automobilist. Gelukkig staat er nog een Peugeot 1007 van J. op onze oprit, in geval van nood. Een totaal unieke en iconische auto die bovendien ook erg fijn rijdt. De enige auto in de historie met twee schuifdeuren voor chauffeur en bijrijder😀en elektronisch op afstand bedienbaar. Bovendien, in uitzonderlijk goede staat, bijna fabrieksnieuw!


Interesse voor iets platvloers als een auto is low culture en menigeen durft daar niet voor uit te komen. Maarten van Rossem en Rowan Atkinson zijn bijvoorbeeld ook grote autoliefhebbers en hebben in het verleden daar het nodige over geschreven. Met name over een soort schuldgevoel vanwege de enorme milieubelasting die de auto al meer dan een eeuw veroorzaakt. Het staat haaks op hun verantwoordelijkheidsgevoel voor milieu- en omgevingsbewustzijn. Maar ja... Dat een samenleving ook niet denkbaar is zonder de auto en de onmiskenbare zegeningen die de heilige koe ook heeft gebracht maakt het er niet makkelijker op. Best lastig en geef daar maar eens een goeie draai aan. Een Catch 22 situatie en voor mij ook zeer herkenbaar. Ik heb ook een tijd gekend dat ik mijn interesse in de automobiel maar beter voor mij hield. Dat ligt tegenwoordig niet meer zo gevoelig, bovendien heb ik geen enkele behoefte meer het fenomeen te verdedigen of uit te leggen. Degenen die dit autovirus ook hebben weten precies wat ik bedoel, de anderen zullen het nooit begrijpen en kunnen dit blog dan beter laten voor wat het is. Sowieso, als je niets hebt met het stalen ros, dan is het meeste wat nu volgt inhoudsloos geleuter. U bent gewaarschuwd!

Ik heb een onwaarschijnlijk aantal auto’s gereden. Elders in dit verhaal zal ik de merken en aantallen benoemen. Hoeveel kilometertjes? Mmm… educated guess? Minimaal 1,5 miljoen kilometer, 25 keer de aarde rond. In dit blog ga ik bij een aantal van mijn auto’s inhoudelijk stilstaan, een soort in memoriam. Ik heb dat eerder gedaan maar minder uitgebreid. Mogelijk val ik hier en daar in herhaling, alvast excuses daarvoor. Ik begin met wat historie alvorens ik de diverse heilige koeien uit mijn verleden ga voorstellen. Er zijn vast wel lezers die dat interessant vinden en ik vind het relevant.

WAT  VOORAF GING 

Mijn vriendje Derk Gerlof van de lagere school stak mij aan met het autovirus. De ‘lagere school’ was tot 1985 de voorganger van de huidige basisschool. Je begon op de kleuterschool als je 4 jaar oud was. Na twee klasjes ging je dan naar de lagere school, zes klassen, van 6 tot en met 12 jaar. Daarna begon het serieuze werk en dan ging je naar de ‘middelbare school’. MAVO, HAVO, VWO of Gymnasium. Gerlof’s ouders beheerden samen een goed lopend taleninstituut en waren ronduit bemiddeld. Zij gingen in de zomer met de auto naar de Italiaanse meren en in de winter skiën in Sankt Anton. Dat laatste zei mij niets, maar ik vond het indrukwekkend klinken als Gerlof er over vertelde. 'Derk' in zijn naam werd met het ouder worden overigens achterwege gelaten. Ik kwam regelmatig bij Gerlof thuis en vergaapte mij aan hun huis, spullen en auto’s. Ze hadden meerdere BMW’s, wat een prachtige auto’s! Zijn vader had er een, maar zijn moeder ook, een rode! Gerlof kon ook heel mooi auto’s tekenen en die kunst nam ik van hem over en zo ontstond mijn passie voor auto’s. Ik schreef er hier eerder over. Gerlof was een intelligente jongen. Ik kon niet aan hem tippen en hij verdween na de zesde klas naar het Gymnasium. Met vlag en wimpel. Gerlof leeft niet meer. Ik lees op internet dat hij een zeer geliefde huisarts was. Ach, triest, hij was echt een superaardige, opgewekte en beschaafde jongen. Zijn broer werd dealer van BMW-auto’s in Hilversum. 

Het leren autorijden ging bij mij niet zonder slag of stoot. Mijn vader overleed in 1974 toen ik nog geen drie maanden zeventien was. Kort daarna nam papa H., de vader van boezemvriend RH, het initiatief om mij auto te leren rijden in de auto van zijn vrouw, 'moeder Ank' in de volksmond. Dat lesgeven had hij bij zijn zoons ook gedaan en het was natuurlijk geweldig dat ik ook die gelegenheid kreeg. Maar ik was geen snelle leerling. De VW Kever van Ank hielp ook niet met zijn hoog aangrijpende koppeling, een versnellingspook van een halve meter lang en een rampzalige besturing. Bij een Kever kon je het stuur makkelijk 20 centimeter van links naar rechts sturen, dan bleef hij gewoon rechtuitrijden, haha. Ik ben nooit snel met leren geweest, ik moest de kunstjes van het leven conditioneren. Maar, al zeg ik het zelf, dan bekwaamde ik mij wel gedegen. Practice makes perfect! Dankzij de training van Pa H. haalde ik mijn rijbewijs na tien officiële lessen.

De eerste dag dat ik mijn rijbewijs had kwam vriend CH langs en overhandigde mij de sleutels van zijn Ford 12M. Ik keek hem vragend aan. “We gaan naar Utrecht”. Ik durfde eigenlijk niet, maar ik had niets te vertellen. Ik moest even aan de stuurversnelling van de Ford wennen en toen ging het eigenlijk prima en stuurde ik na een klein uurtje trots door het centrum van Utrecht! Vanaf dat moment kon ik vaak mijn moeders auto gebruiken. Zij reed liever niet dan wel. Dat had vooral te maken met haar totaal ontbrekende talent voor het besturen van een auto. Veel respect voor haar, want zij pakte de draad van het leven na het vroege overlijden van mijn vader snel op. Daar hoorde onafhankelijkheid bij en dus een rijbewijs. Dat haalde zij na een flink aantal keren afrijden, maar ze was gewoon een gevaar op de weg. Niet erg aardig om te zeggen, maar het was zoals het was. Samen met mijn zus hielden we echt iedere keer ons hart vast als ze achter het stuur kroop. Het is ook een paar keer flink misgegaan.  Maar gelukkig besloot ze na enkele jaren te stoppen met autorijden. Ik woonde nog thuis en ik had het auto-rijk min of meer alleen. Ik mocht mijn moeders auto gebruiken zo vaak ik wilde, dat was natuurlijk ontzettend lief. Ik gebruikte haar auto’s, opeenvolgend twee Opel Kadetten, voor mijn werk maar ook voor vakanties met vrienden naar Frankrijk, Zwitserland en dergelijke. Geweldig toch? Ik had daardoor al vroeg best wat rijervaring. 

In 1979 haalde ik mijn vrachtwagenrijbewijs in Militaire Dienst en eenmaal ‘paraat’ werd ik chauffeur in mijn eigen VW bus met 100 pk en ploegde regelmatig door militair oefenterrein. Tot aan de dag van vandaag sta ik vaak klaar om J. en anderen ergens naar toe te brengen met de auto. Het leverde mij bij sommigen de titel ‘de chauffeur’ op. Tijdens een reis door het westen van de Verenigde Staten met H. en R., tikten we 7.500 kilometer af. We begonnen in L.A. en verdwenen daarna voor een wekenlange tocht door de woeste landschappen in het wilde westen. Dat alles met een Plymouth Volare station met 6 cilinders en een automaat. H. en ik wisselden elkaar achter het stuur af en deden zo een mooi stuk ervaring op. 


Eenmaal terug in Nederland had ik genoeg autokilometers achter de kiezen en ik was helemaal klaar voor een automobiel bestaan. In 1981 kocht ik mijn eerste eigen auto!

MIJN HEILIGE KOEIEN

Ik heb, geheel in mijn licht autistische stijl, de auto’s met bijbehorende gegevens keurig bijgehouden in een database. Allemaal. Vanaf 1975, geen een uitgezonderd! De auto’s van mijn moeder waar ik ook in reed laat ik in dit blog buiten beschouwing, evenals de auto’s die ik deelde met J. Het gaat hier dus voor 100% om mijn auto’s, degene die ik reed. De auto’s waren eigendom, private lease of ‘van de zaak’. In dat laatste geval was de auto meestal van een leasemaatschappij of soms daadwerkelijk eigendom van de werkgever. Een enkele keer had ik even geen auto en dan deelden J. en ik er een, die noem ik hier ook niet. Ik laat hierna een beperkt aantal van die auto’s de revue passeren, ter lering ende vermaak. Van die selectie heb ik bij elke auto een (heel) kort profiel opgesteld met, uiteraard, een klein verhaaltje erbij. Daar gaat dit blog tenslotte om. Maar ik denk dat de tekst hierna vooral leuk is voor generatiegenoten (Babyboomers, Generatie X-ers) en lezers die geïnteresseerd zijn in auto's.

OPEL KADETT 1.3S | 2D HATCHBACK | 1981
4 cilinder benzine – 4 versnellingen - 1300 CC – 75 pk
Vmax: 158 km/uur – 0-100: 13,5 seconden



Mijn eerste echte auto! Ik had geld geërfd en het brandde in mijn zak om mijn eigen wielen aan te schaffen. Ik was 24 en kocht gelijk een nieuwe auto. Tweedehands zat niet in onze familiecultuur. Was dit slim? Mmm… nee. Maar, de Kadett die ik bestelde was een hele mooie, dat dan weer wel. Heel Nederland reed een Kadett, maar niemand had er één met deze specs: lichtmetalen wielen met ‘brede’ Michelins, groen getint glas met ‘rookband’, prachtige blauwe metallic lak met transparante toplaag, zilveren striping, verchroomde uitlaat, leren driespaaks sportstuur, toerenteller, speciale bekleding, hoofdsteunen op de voorstoelen, stereoset met cassettespeler, enzovoort. De Kadett van mijn moeder moest het met 55 pk doen. Mijn Kadett had er 20 meer en voelde ronduit snel aan. 170 op de teller was geen probleem. 0-100 deed de Kadett twee seconden sneller dan de fabrieksopgave volgens een test in Auto Motor und Sport. Ronduit een snelle auto voor die tijd. Ik was echt trots op mijn aanwinst. Toch verkocht ik hem een jaar later. Uiteraard met het nodige verlies. Het deed wel pijn, maar er moesten keuzes worden gemaakt. Ik had namelijk een nieuw project voor ogen: een (halve) wereldreis! De opbrengsten van de Kadett moesten garant staan voor de financiering. Het bleek de beste investering van mijn leven. 


Ik vind deze Kadett nog steeds mooi en de herinneringen zijn zeer levendig. Natuurlijk ook vanwege de associatie met mijn grote reis. Ik vond het design van veel Opels in de basis meestal goed en mooi geproportioneerd. Ook de Kadett. Weinigen waren dat destijds met mij eens tot ze mijn auto zagen, “Wat? Is dat een Kadett? Serieus? Mooie auto!” 😊 Dan was ik zo trots als een pauw.

 
FORD TAUNUS 1.6 TURNIER | STATION | 1980
4 cilinder benzine – automaat – 1600 cc – 73 pk
Vmax: 152 km/uur – 0-100: 14,5 seconden


Na mijn eerste leaseauto van de baas en het wisselen van baan zat ik even ‘in between cars’. Ik kocht van een ex-collega deze Ford. Het werd een favoriet. Het was eigenlijk een soort gekrompen versie van onze Plymouth die we in de States hadden gereden en reed vergelijkbaar. Eigenlijk best een soort grote bak voor Europese begrippen. Een bank voorin met plastic nepleer, een automaat met keuzehendel aan het stuur en een laadbak van hier tot Tokyo. Vette bak gewoon, heerlijke auto en reed net zo makkelijk als de Volare.


FORD SIERRA 1.8 LASER | 5D HATCHBACK |1986
4 cilinder benzine – 4 versnellingen – 1800 cc – 90 pk
Vmax: 178 km/uur – 0-100: 11,2 seconden





Mijn eerste grote middenklasser van ‘de zaak’. Een auto waar échte zakenmensen mee reden. Ik voelde me heel wat. Serieus. De Sierra zag er best wel goed uit en was een comfortabele auto, maar verder vond ik het geen auto die excelleerde op andere gebieden. Maar je kwam er wel leuk mee voor de dag!




CITROEN BX 16 TRS | 5D HATCHBACK | 1988
4 cilinder benzine – 4 versnellingen – 1600 cc – 94 pk
Vmax: 170 km/uur – 0-100: 13,8 seconden




Citroën was nooit een lieveling van het autojournaille, de fenomenale historie en technologische vernieuwingen van het merk ten spijt. Houtje-touwtje auto’s en op de Franse slag in elkaar geschroefd, dat was de algemene teneur. Ik heb twee BX-en gereden, allebei waren ze eigendom. De eerste was inderdaad een beetje een flut auto, maar de knalrode was van de tweede BX-generatie en vond ik geweldig. Veel betere bouwkwaliteit, vernieuwd en moderner uiterlijk, een stuk krachtiger en veel strakker en mooier interieur. Ik vond het best een fijne en authentieke auto. Het onderstel van de BX-en was geweldig en zeer comfortabel. In de winter ploegden deze auto's overal doorheen. Na de BX nam ik weer een leaseauto in gebruik. Met stalen veren. Bij de eerste de beste diepe kuil werd ik bijna gelanceerd. Ik schrok me wezenloos. Zo jammer dat Citroën de hydropneumatische technologie niet meer toepast. Deze tweede generatie BX was echt een hele fijne kar waarvan in de praktijk bleek dat ze best betrouwbaar waren.


FORD MONDEO 1.8 BUSINESS EDITION | 5D HATCHBACK | 1996
 
4 cilinder benzine – 4 versnellingen – 1800 cc – 116 pk
Vmax: 179 km/uur – 0-100: 13,8 seconden



Nog maar vier jaar van de eeuwwisseling te gaan en de nieuwe Mondeo ademde al de toekomst. Ik had nog geen seconde in mijn nieuwe baan gewerkt en ik kreeg deze hele vette bak al onder mijn kont. Mét alle denkbare opties én handsfree telefoon ingebouwd. Mooie auto, met schitterend interieur, daar mankeerde niets aan. Onvoorstelbaar: ik kan geen goeie foto van mijn Ford Mondeo vinden in mijn eigen archief. Nog onvoorstelbaarder: van 'mijn' model Mondeo (1996, eerste generatie) staan er nul op Gaspedaal.nl, de grootste occasion website in Nederland. Ik heb met AI uitgezocht dat er van dit model Mondeo, de eerste generatie, er ongeveer 48.000 zijn verkocht in Nederland. Ze zijn blijkbaar allemaal in de schrootpers verdwenen. Zelfs Google vind geen afbeeldingen van dit specifieke model (5 deurs hatchback van 1996). Zeer, zeer vreemd. Ik heb dus de enige en nog acceptabele foto uit mijn archief van destijds hieronder geplaatst.
Maar ik vond ook deze Ford geen uitblinker, hoe mooi en luxe dan ook. Na een paar maanden had ik op mijn werk een kandidaat gevonden die stantepede aan de slag moest bij ECT in Trieste in Italië. We hadden zo snel geen andere auto voor hem en ik offerde mijn Ford op. Ik mocht daardoor een nieuwe Toyota Avensis bestellen. Wat een tijden he? Wat een luxe! De Avensis was echt een (heel) veel betere auto. Maar de Mondeo had wel een bepaalde chique uitstraling over zich die de Japanner weer niet had.


MITSUBISHI CARISMA 1.8 GDI ELEGANCE | 5D HATCHBACK | 1999
4 cilinder benzine – 5 versnellingen – 1834 cc – 125 pk
Vmax: 200 km/uur – 0-100: 10,4 seconden



De Carisma vond ik ook echt een heel fijne en goede auto. Deze Mitsubishi werd in Nederland gebouwd bij NedCar in Born. Journalisten waren niet erg enthousiast over deze auto en het grote publiek vond hem oubollig. Maar ook de eerste versie verkocht best goed in Nederland, want niet duur 😅. Dan heb je ons volkje bij de taas. Ik reed de vernieuwde tweede versie en dat was toch andere koek. Een strakkere jas en eigenlijk best een elegante auto. Bij car design gaat het vooral om juiste verhoudingen, proporties en kleur. Vanuit dat licht bezien moesten er nog een paar aanpassingen worden gedaan op mijn verzoek. Bij de typegoedkeuring waren 16 inch wielen officieel niet toegestaan. Maar met een lagere wang van de banden pasten die wielen wél. Dat lukte! De wielkasten waren zo beter gevuld en het stond echt super. De policy van de werkgever was dat alle 'company' auto's grijs metallic waren, de bedrijfskleur. Mitsubishi had een prachtige en speciale zilveren kleur. Die bleek lastig te krijgen, maar dat lukte ook. Het was dus formeel geen grijs metallic! Ik vind het allemaal essentiële basiszaken: een auto heeft gewoon een goeie kleur nodig en de juiste wielen, zoals een mens groeit met mooie kleding en stijlvolle schoenen. Wij gaan dus NIET rondlopen op sandalen of badslippers he?  Gloeiende, gloeiende 😡.


De Mitsubishi reed heerlijk soepel en makkelijk. De motor liep veel mooier en stiller dan al die enigszins achterhaalde en rumoerige Europese 4-cilinders. Het interieur was mooi afgewerkt met (nep) hout, zacht leer en een schitterend Nardo sportstuur van (echt) hout en leer. Gewoon een dikke auto met prachtige proporties. Zie de foto hieronder. Dit was en is toch nog steeds een hele mooie auto? Destijds was ik echt de enige met zo'n gelikte versie van de Carisma. Ook deze auto is volledig verdwenen van onze wegen.

Zoals wel vaker worden sommige auto’s na jaren door de autojournalisten nog eens aan de tand gevoeld. In het geval van de Carisma merkte men pas achteraf dat het eigenlijke een hele fijne auto het was. Nou ja, ‘merken’, ik vroeg mij wel eens af wat de lobby-kracht was van de grote automerken om hun auto’s als beste uit testen te doen komen in de autotijdschriften. De merken met wat minder budget visten dan naast het net en kregen pas na jaren ere wie ere toekomt. Maar misschien is dat te 'wappie'.


SEAT TOLEDO 1.9 TDI 81 kW SIGNO | 4D SEDAN | 2000
4 cilinder diesel – 5 versnellingen – 1900 cc – 145 pk
Vmax: 205 km/uur – 0-100: 8,2 seconden


 

Wauw, een andere favoriet. Wat mij betreft een super ontwerp van de wereldberoemde Giorgetto Giugiaro. Net als de Mitsubishi perfect geproportioneerd. Ik had een nieuwe baan en ik mocht gelijk een nieuwe auto uitzoeken. Het werd de Seat Toledo. Grote verbazing bij de nieuwe collega’s. ”Je kunt gewoon een Audi bestellen he?”. De 2e generatie van de Toledo was net uit en geen mens had hem nog gezien. De collega’s piepten wel even anders toen ze mijn supermooie Seat zagen. Voor veel minder bijtelling per maand reed ik een technisch identieke en belangrijk mooiere auto als mijn collega’s. Mijn Seat was nota bene bij Volkswagen gebouwd. Een collega reed een VW Bora en die was in Bratislava bij Skoda in elkaar gezet. Baalde die van, hahaha. Ik had een jonge-hond collega, ‘Ed’, die net een nieuwe lease-VW Golf TDI had besteld met 150 pk. Een onvoorstelbaar snelle auto. Wij ‘teamden’ heel goed. We besloten onze auto’s te laten tunen met VAG goedgekeurde software. Mijn auto kreeg 145 pk en die van Ed 180 pk. De voorwielen van mijn auto sloegen zelfs in de derde versnelling nog door. De Toledo reed als een jonge hond die steeds wild aan de lijn trekt. We lieten ook nog ieder een Becker navigatiesysteem installeren, met pijltjes. Ik had een geweldige baan en een geweldige auto. Vanwege terugval van opdrachten moest ik vertrekken en de auto na drie jaar inleveren. Oei, dat deed pijn. Ik vind het nog steeds onbegrijpelijk dat Volkswagen destijds koos om één van hun budgetmerken de 'by far' mooiste auto van het concern in het programma te laten nemen. Heel erg vreemd.


BMW 530D [E39] | 4D SEDAN | 1998
6 cilinder diesel – automaat – 2926 cc – 184 pk
Vmax: 225 km/uur – 0-100: 8,4 seconden



Nieuwe job, maar geen nieuwe ‘wielen’. Mijn ex-collega en nieuwe werkgever had twee BMW 5-series. Eén op zijn oprit om de bijtelling te omzeilen en één als daily driver. Hij reed een nieuwe 535D [E60] en ik kreeg de oudere 530D [E39]. We verzonnen een slimme huurconstructie zodat ik fiscaal niet aanspreekbaar was. Deze 5-serie was echt een heerlijke auto. Uitgerust met misschien wel één van de beste 6-cilinder dieselmotoren ooit. Wat een comfort en wat een superieure prestaties. Ik had al ervaring met een BMW 520i [E34] van J.’s oom waar ik in Nederland en Italië diverse keren mee had gereden. Die had een 6-cilinder benzinemotor en reed ook heerlijk. Maar ‘mijn’ diesel had een koppel waarmee je een volwassen eik uit de grond kon trekken en waardoor je altijd kracht over had. Dat rijdt heel ontspannen. Na een jaar besloot A. dat ik een nieuwe auto mocht bestellen. De BMW was geen lang leven beschoren, baasje A. reed hem zelf kort. Zijn schuld. Zonde.



SKODA OCTAVIA 2.0 TDI ELEGANCE | 5D HATCHBACK | 2006
4 cilinder diesel – 6 versnellingen – 2000 cc – 140 pk
Vmax: 209 km/uur – 0-100: 9,6 seconden



De Skoda was ook een kanjer. Nog meer dan bij de Seat vroeg men zich af waarom ik geen VW of Audi koos. Een Skoda, dat was toch een voormalige Oostblok auto? Wist men veel, met name de tweede serie Octavia's waren de eerste 100% VAG-producten. Lees: Volkswagens. Ze werden gebouwd bij VAG/Skoda in Mladá Boleslav in Tsjechië. Ik vond deze auto mooier dan een VW en hij was substantieel goedkoper en toch met alles er op en er aan. Ik overwoog nog te chippen maar deze Skoda was los, niet normaal. Net als de Seat een woeste baas. De enige ‘eigen’ auto waarvan ik ooit 230 op de teller zag verschijnen. Mijn werkgever reed een BMW 535D die gechipt was. Geloof het of niet, bij het stoplicht reed ik tot ± 80 km/uur de Beamer er uit, hahaha. De oersterke VAG diesels met  pompverstuiverinjectie stonden garant voor grote prestaties maar ook een bak herrie. Vooral met koude motor. De buren hebben het er nog over. Op de snelweg verdween dat geluid gelukkig als je wat harder reed. De tweede dag dat ik de Octavia had reden we in in Oostenrijk lek op de Autobahn. Daarna kreeg ik tijdens de looptijd nog drie lekke banden. Ook een turbocompressor gaf een keer de geest, een bodemplaat scheurde af bij 200+ en een voorruit barstte. De Octavia kwam dus niet helemaal zonder kleerscheuren uit de strijd, maar het was toch één van mijn favoriete auto's. Behalve de geluidproductie, deed deze 'Volkswagen' eigenlijk alles bizar goed.


RENAULT CLIO ESTATE 1.5 DCI NIGHT & DAY | STATION | 2015
4 cilinder diesel – 5 versnellingen – 1461 cc – 90 pk
Vmax: 189 km/uur – 0-100: 12,1 seconden 




Ik ben niet van de MPV’s, SUV’s en dergelijke. Ook niet van de stationwagens, uitzonderingen daargelaten. Ik doel alleen op de vormgeving dan. Voor mij is een ‘mooie’ auto gewoon een sedan, een hatchback, een cabriolet of een echte sportwagen. De zoon van één van mijn beste vrienden is ook van mijn 'school'. Hij plaagt zijn vader altijd met zijn stationwagen. 'Ben je met je busje' zegt hij als pa met zijn station aan komt rijden. Hahaha. Maar er zijn uitzonderlingen. Zo heb ik ooit een uitgebreide review in Autoweek geschreven over de Renault Clio Estate. Ik prijs daarin onder andere zijn briljante vormgeving. De combinatie van design met de praktische inzetbaarheid van de Clio Estate maakte het tot een unieke auto. Geen 'gewone' auto met een vierkante klomp achterop dus, maar een super vloeiend en elegant getekend model. 

Het is verleden tijd, de Clio Estate is niet meer. Er is sowieso geen stationwagen meer in het B-segment. U zult het moeten doen met een B-SUV en dan mag u de portemonnee trekken die zijn gewoon 10.000,- duurder dan de Clio Estate. Maar dan rijdt u in een 'busje'. Nee, dat is wel duidelijk, de Clio Estate krijgt van mij de hoogste prijs voor design. O ja, hij reed ook nog eens ronduit fantastisch. Deze eerste versie van generatie Clio Phase IV was een stuurmansauto van de eerste orde, een echte 'rijdersauto' zoals de journalisten dat noemden. 100% mee eens. Geen auto die zo geweldig reed door de Eifel, Ardennen of Alpen. Als kers op de taart was de dieselmotor ook nog eens een staaltje van rust en prestatiedrang zoals geen andere auto in deze klasse. De hierboven genoemde cijfers voor acceleratie slaan dus echt nergens op.


VOLVO V60 D6 AWD PLUGIN-HYBRID R-DESIGN | STATION | 2014
5 cilinder diesel + elektromotor – automaat – 2400 cc – 280 pk
Vmax: 230 km/uur – 0-100: 6,1 seconden



Dit was ‘m wel, het summum, één van de hoogtepunten van mijn automobiele bestaan. Ik schreef eerder in een blog en in een review in Autoweek over deze auto: 

HYPERLINK: VOLVO V60 D6 

Eigenlijk staat alles daar wel in wat ik over deze auto te zeggen had en heb. Vooral in het Autoweek artikel. Ik laat het daarom hierbij. Maar, wat een superbak! Bedankt Andy (R.I.P.)

VOLKSWAGEN e-GOLF | 5D HATCHBACK | 2019
100 kW elektromotor
Vmax: 150 km/uur – 0-100: 9,6 seconden


 

 
Met deze Golf was voor mij de nieuwe tijd van autorijden gearriveerd. Next level. Wat een fantastische auto. Verguisd werden ze, die elektrische auto’s, net als de e-bikes. Nog steeds trouwens en ik vind dat niet terecht. Het zijn natuurlijk de echte liefhebbers die uitlaten willen horen knallen. Begrijp ik, maar ik was toch wel héél snel ‘om’. Dat ongelofelijke comfort, de stilte, de onwaarschijnlijke acceleratie, het was echt fantastisch. Tijdens de eerste woon-werk rit stond ik bij een verkeerslicht en ik hoorde links van mij het donkere uitlaatgebrom van een AMG Mercedes. Mét fout ventje. Het laat zich raden natuurlijk: voordat ventje zijn gaspedaal had gevonden had de elektronica mijn Golf al uit zicht gelanceerd. Ik zat echt te gieren van de lach. Leuk! Kinderachtig? Ja, reken maar van yes 😁😂

De Golf had een uitrusting zoals ik nooit had meegemaakt. Alles wat een mens kan verzinnen zat erop. Thuis op de bank in de avond alvast de airco of verwarming voor de volgende ochtend op de app programmeren? Geen probleem. Doe ook de verwarming van stoelen en het stuur maar, hahaha. Dit was bovendien een Golf van de ouderwetse soort. Schitterend afgewerkt en onverwoestbare kwaliteit. Onderstel heel erg comfortabel, sturen super en ergonomie absolute wereldtop. Jammer van de verkeerde wielen en kleur. J. was er ook helemaal gek van “wat rijdt dat ongelofelijk lekker”. Nadelen? In lange bochten, zoals op- en afritten bij de snelweg, is de e-Golf wat te veel onderstuurd. Dat is uiteraard vanwege de zware accu's. Een actieradius van 200 kilometer is natuurlijk waardeloos. De praktijk is minder want je rijdt natuurlijk nooit 'leeg'. Voor woon-werk en boodschapjes prima, maar verder... Voor onze vakantie naar Zwitserland en Italië namen we J.’s Opel Karl want dat was met de e-Golf niet te doen. Dan had ik onderweg tien keer moeten laden. Ik zag er een beetje tegenop, maar het ging van een leien dakje trouwens met ‘Kareltje’...


OPEL KARL 120 1.0 EDITION | 5D HATCHBACK | 2019
3 cilinder benzine – 5 versnellingen – 999 cc – 75 pk
Vmax: 170 km/uur – 0-100: 13,9 seconden




Het is heel even J.’s auto geweest maar vanwege een nieuwe baan zonder leaseauto nam ik hem al snel onder mijn hoede en de Opel Karl werd voor jaren mijn daily driver. Sterker, ik heb nooit langer gereden met een auto als dit Opeltje. Voor J. hadden we een Peugeot 1007 mét automaat gekocht want ze kon vanwege heupproblemen geen koppeling meer bedienen. Het was haar tweede 1007 trouwens. De Opel Karl werd door GM geassembleerd in Changwon, Zuid-Korea. In de UK en Ierland werd het wagentje verkocht als Vauxhall Viva en in Azië als Chevrolet Spark. De Karl is met groot gemak de winnaar van de prijs-kwaliteit wedstrijd van al mijn 52 auto's. Ik heb in 5 jaar en 85.000 kilometer geen rammeltje gehoord en twee halogeenlampjes moeten vervangen. Dat was alles. Een autootje met de kwaliteiten van een middenklasse auto: stil, comfortabel en ronduit snel. De Karl scoorde op een rollenbanktest bijna 95 pk, bijna 25% meer dan de fabrieksopgave! Het zat dus wederom weer goed met de prestaties. Wat dat betreft had ik vaak geluk. Ik heb er met buitengewoon veel plezier in gereden. Bovendien vond ik het oprecht een mooie auto; het oog wil tenslotte ook wat. Het deed mij pijn om mijn maatje weer in te leveren.


OVERIGE OPMERKINGEN & TOELICHTINGEN

  • Samen met J., heb ik 65 auto’s gereden/in beheer gehad. Als ik kijk naar de auto’s waarin ik alleen reed dan kom ik op 53 stuks.
  • Welke merken heb ik gereden? BMW, Citroen, Fiat, Ford, Honda, Mazda, Mercedes, Mitsubishi, Opel, Peugeot, Renault, Seat, Skoda, Suzuki, Toyota, Volvo, Volkswagen. Het zijn de merken die ik heb gereden in mijn rol als lease-rijder of als  (mede-) eigenaar.
  • Opels hebben we het vaakst gereden, vijftien keer. Ik heb één keer een Mazda gereden en slechts één maand. Dat was een CX-3. Een zogenaamde voorloopwagen, maar een erg fijne auto.
  • Opvallend afwezige merken zijn Alfa Romeo en Audi, echte liefhebbers automobielen en bijna pijnlijk dat we die nooit hebben mogen rijden.
  • Ik heb ooit met een Alfa Romeo proefgereden. Een 155. Dat reed echt fantastisch. Maar op de snelweg ging het mis want daar begon de auto plotseling een bak herrie te maken, niet normaal. Ik was met J. en die keek mij aan met d’r hand voor d’r mond. “Heb je ‘m nou kapotgereden? Nee toch?” De verkoper zei dat er niks aan de hand was. “Dat is de Alfa sound mijnheer”. Dusss… Ik bestelde een paar dagen later een Volvo 440 1.8 DL. Een fijne en vooral stille (..) auto.

  • Audi, het is er ook nooit van gekomen. Opmerkelijk, mooie auto’s die mij wel passen, vind ik. Erg jammer dat 'de grote Duitse drie' (Audi, BMW, Mercedes) meer en meer worden bevolkt door mensen van twijfelachtig allooi.
  • Voor degenen die het proces leaseauto van de zaak niet goed kennen: een leaseauto uitzoeken is geweldig maar dat lukt niet altijd. Zeker als het een grote werkgever is dan hebben die een leasevloot, zoals dat heet, en dan staat er altijd wel ergens een auto stil omdat de berijder uit dienst is gegaan. Of om andere redenen. Procedure is dat je dan eerst zo'n stilstaande auto naar het einde van zijn contractduur rijdt en dan mag je pas daarna een auto van je voorkeur kiezen. Meestal zijn er dan een aantal merken en types waaruit je een keuze mag maken. Van de leasewagens die ik in dit blog presenteer heb ik er drie zelf uit mogen kiezen.
  • Ik heb in de meeste Europese landen gereden, inclusief Madeira, de Canarische eilanden en de Britse Eilanden. Daarnaast in de Verenigde Staten van Amerika, Israël en Australië. De 'overzeese' auto's waren huurauto's of van vrienden. Daar kan ik ook een blog over schrijven. Doe ik niet, wees maar niet bang. Ik vind het wel leuk de meest unieke auto aan te halen die ik ooit reed. Ik vermoed dat niemand die dit blog leest ooit van de auto heeft gehoord. Laat staan gereden. De auto was van vriend Keith Shepard. Ik had Keith ergens gedurende mijn reis door Down Under ontmoet en het klikte gelijk tussen ons. Jammer dat ik geen 'selfie' heb of een andere leuke foto van ons in die auto. Het is een Holden HR Premier van 1967 waar Keith een jaar mee door Australië reed en overal een tijdje bleef wonen. Ik mocht een paar keer in zijn Holden rijden, erg leuk. Ik heb de auto gelukkig nog wel een beetje op de gevoelige plaat. Op de foto is de auto rood omcirkeld. Hij staat voor ons hostel in Cairns, 123 Esplanade. Cairns licht in het Noorden van Queensland. Die sfeervolle koloniale bouw is er niet meer. Holden was een Australische autobouwer onder het GM concern en bestaat helaas niet meer.



  • De technische gegevens van mijn auto’s zijn fabrieksgegevens zoals die op de website van Autoweek staan. Met name het opgegeven prestatieniveau van de auto’s is vaak niet conform de werkelijkheid. Dat heeft niet altijd met mijn zware voeten te maken maar de voorzichtige, lees te lage, opgaves van de fabrikanten. Die willen geen gezeur achteraf dat ze onvoldoende paardenkrachten of newtonmeters zouden 'leveren'. Ik zag onlangs een rollenbanktest van een Alfa (Stellantis versie; dus Opel-Peugeot-techniek) die vanuit de fabriek 101 pk zou moeten opleveren. Het werden er 122, een ongelofelijk verschil. 
  • Beste jongetje van de klas? Als ik nu een auto mocht kiezen uit die 53 stuks en gratis gaan rijden? Dan zijn dat er twee. De Volvo V60 vanwege het comfort, het ontspannen karakter, de prestaties, correcte status en uitstraling en de algehele en tijdloze styling, nog steeds. O ja, en de stoelen natuurlijk, geweldig! De andere is de e-Golf omdat gewoon de beste auto is van allemaal. Behalve de actieradius dan...

EN NU?

Ja, met de fiets he? Een daily driver zit er voor mij tot nader order niet meer in. Ja, mijn QWIC E-bike uiteraard. Maar op vier wielen, als het nodig is, hebben we uiteraard J.’s auto nog, de wonderlijke en briljante Peugeot 1007. Misschien huur ik af en toe eens een aardige auto, omdat het kan. Wie zal het zeggen? Maar voor nu is het goed. Ik heb genoten van al die heilige koeien.